Een goed gesprek gaat twee kanten op: wat gaat goed, en waar wil je groeien. Benoem allebei — en verwoord je ontwikkelpunt als de keerzijde van een kwaliteit, niet als een zwakte.
Een functioneringsgesprek is geen moment om bescheiden te zijn. Benoem waar je goed in bent, met een voorbeeld uit het afgelopen jaar. Denk aan kwaliteiten als:
Ik voel me eigenaar van het resultaat.
Het teamresultaat vind ik belangrijker dan de eer.
Ik ga voor meer dan alleen mijn eigen taak.
Ik houd het gesprek gericht op wat wel kan.
Een tevreden klant is voor mij het echte resultaat.
Ik heb weinig sturing nodig om resultaat te leveren.
Een ontwikkelpunt is geen bekentenis. Formuleer het als de valkuil van een kwaliteit, gevolgd door wat je eraan doet:
Dit hele blok maakt de tool voor je: kies je kwaliteiten en kies als doel “functioneringsgesprek”.